Miele Professional Technische gegevens
Informatie over de "g-factor"

De g-factor geeft de centrifugaalkracht aan die bij wasautomaten bij een bepaald centrifugetoerental op het wasgoed inwerkt. 1 g komt overeen met 9,81 m/s² (zwaartekracht). Hoe hoger het toerental des te hoger de g-factor en des te minder restvocht bevat het wasgoed.

En hoe droger de was uit de wasautomaat komt (lagere restvochtwaarde in %), des te geringer is het energieverbruik van de droogautomaat. Naast het centrifugetoerental wordt de g-factor ook beïnvloed door de trommeldiameter.
Verhouding trommelinhoud en vulgewicht

Bij wasautomaten adviseren wij bijvoorbeeld voor maximaal 10 kg was een 100 l-trommel. De verhouding vulgewicht/trommelinhoud is dan 1:10.

Bij droogautomaten adviseren wij voor een optimaal droogresultaat bij 10 kg was een trommelinhoud van 250 l. Bij droogautomaten is de verhouding vulgewicht/trommelinhoud 1:25.
De capaciteit van de mangels wordt vastgesteld op basis van DIN 11902:
  • Hierbij wordt uitgegaan van een restvochtwaarde van 25 c.q. 40% respectievelijk 46 c.q. 53%. Er wordt gedroogd tot 0%.  
  • Gebruikt worden bedlakens van kwaliteit TB21, dat wil zeggen 175 g/m2 +/- 10 g/m2.  
  • Gemangeld wordt op een temperatuur ca. 180°C.  
  • De wasinvoer vindt zonder pauze plaats.  
  • De breedte van de mulde wordt voor 80% benut.
De in de praktijk te behalen resultaten liggen gemiddeld 20 tot 40% onder de laboratoriumwaarden. De resultaten zijn afhankelijk van de handigheid en de ervaring van het personeel, van het wasgoed, de wassortering, de staat van de mulde en de gestelde kwaliteitseisen. De aangegeven resultaten hebben betrekking op machines met elektrische verwarming.
De reinigingscapaciteit van afwasautomaten

De waarde borden/h heeft betrekking op het aantal 24 cm-borden dat in een afwasautomaat met tank
met het kortste programma kan worden gereinigd. Omdat geen rekening wordt gehouden met het in- en uitruimen, is dit slechts een theoretische capaciteit (die in de branche gebruikelijk is).

De waarden stuks serviesgoed/h en bestekdelen/h hebben betrekking op verswatersystemen. Hierbij wordt niet alleen rekening gehouden met borden, maar ook met andere serviesdelen en bestek, aangezien deze apparaten (in tegenstelling tot tanksystemen) een bovenrek hebben met extra capaciteit.

Voorwaarden zijn een warmwateraansluiting (65 °C) en een 3-fasenaansluiting (400 V).

De capaciteit van laboratoriumapparatuur

De specificaties geven bij laboratoriumapparatuur de maximale capaciteit aan. De capaciteit kan echter variëren en is altijd afhankelijk van het spoelgoed en van de wagen die voor de behandeling wordt gebruikt.